Column 9 Spiegelbeeld Magazine

Wees zelf de verandering

Het is eind juni en ik ga in verzet. Zonder mondkapje stap ik op Utrecht Centraal Station in de ochtendtrein. De trein rijdt weg en de conductrice komt eraan, met een mondkapje voor haar gezicht. Dat wordt spannend. Er gebeurt niks. Ze begroet me met een 'goedemorgen' en zonder om mijn plaatsbewijs te vragen, loopt ze rustig verder. Wauw, het kán dus! Ik blijf kalmpjes zitten en zie hoe bij iedere halte mensen in- en uitstappen, allemaal met een mondkapje op. Bij de zevende halte – een half uur later – stap ik uit, en ik ben nog steeds zonder mondkapje. Iedereen in dit treinstel en op het perron heeft kunnen zien dat ik geen mondkapje droeg. Met een bevrijd gevoel loop ik het station uit.
Aan het eind van de middag reis ik terug en ik stap opnieuw in zonder een mondkapje om. Deze keer is het spannender omdat het op het perron en in de trein veel drukker is dan vanmorgen en ook omdat er een conducteur precies voor mijn neus staat in de deuropening waar ik instap. De conducteur is een gezette oudere man en hij kijkt me streng aan met zijn mondkapje om, gebarend naar zijn mond. Ik knik vriendelijk groetend terug, loop gewoon door en neem plaats aan het raam op de dichtstbijzijnde zitplaats.
Ik ben benieuwd wat er gaat gebeuren. De conducteur komt niet naar me toe, maar loopt de andere kant op. Vijf minuten later – bij de volgende halte – zie ik hem weer, ditmaal zonder mondkapje (!).
Vanaf die dag reis ik in Nederlandse treinen zonder mondlap, en dat gaat telkens goed omdat ik het doe met een uitstraling dat ik geen confrontatie zoek, maar gewoon mezelf wil zijn en beschermen.

Wat zou ik gedaan hebben als een conducteur of medepassagier mij had gezegd dat ik verplicht ben zo'n kapje te dragen? Waar haalde ik überhaupt het lef vandaan?
Simpel, ik neem Mahatma Gandhi als voorbeeld en die zei ooit: “Wees de verandering die je in de wereld wilt zien gebeuren.” Ik volg mijn geweten.

Jawel, ik bewapen me ook met een stapel A4-tjes met een tekst waarin met wetenschappelijke onderbouwing werd uitgelegd dat het dragen van mondkapjes niet alleen geen bal helpt om het verspreiden van virussen tegen te gaan, maar ook nog eens juist heel ongezond is omdat het zorgt dat je jezelf ziek maakt met je eigen 'oude' adem.
Daarnaast had ik al eens gesprek gehad met een conductrice om van haar te weten hoe zij dacht over de mondkapjes in de treinen en ze zei simpelweg: “Wij zijn dienstverleners en geen politie.” Ik begreep van haar dat veel collega's het verplichte mondkapje zelf ook niet zagen zitten en al helemaal geen zin hadden om mensen hiervoor te beboeten. Dit had me gesterkt in de gedachte dat ik met mijn actie ook hen een goede dienst bewees, zeker wanneer ik hen een flyer kon aanreiken die ze wat mij betreft mochten doorgeven aan hun superieuren.

Ik weet niet hoe het in Nederland, België en in de rest van de wereld vergaat met betrekking tot de coronamaatregelen, wanneer je deze column leest. Ik weet wel dat deze maatregelen al een tijdje niks meer te maken hebben met onze gezondheid, in tegendeel: er vallen nu veel meer doden door de maatregelen dan waarvoor ze bedoeld waren. De regels zorgen voor angst en verdeeldheid, zijn ziekmakend en zorgen voor ongehoorde staatscontrole en voor het ontnemen van onze vrijheid, privacy en basisrechten zoals recht op samenkomst.
Ik weet ook dat wanneer een regering haar volk niet meer vertrouwt, het volk zelf zal moeten opstaan. In liefde, geduld en vertrouwen, dus niet in wat ons verdeelt, maar in wat ons verbindt. Daar is moed voor nodig, en dat is een eigenschap van het hart.